De stille meerderheid

Extremisme is hot. Wanneer in de maatschappij een discussie speelt, is er geen plek voor nuance. Polarisatie lijkt de norm. De mensen die het hardst schreeuwen krijgen zendtijd, terwijl de gematigde burger wordt weggedrukt. Toch is de samenleving helemáál niet zo zwart-wit. De gematigde burger is wel degelijk in de meerderheid. Ze laten zich alleen niet horen. Je spreekt in zo’n geval van een ‘silent majority’.

Het was president Nixon die deze term voor het eerst gebruikte in zijn wereldberoemde speech in 1969. Hij doelde hiermee op de grote groep Amerikanen die zich niet voor of tegen de Vietnamoorlog uitspraken. In de media werd deze groep mensen overschaduwd door de minderheid met een uitgesproken mening.

Wat is polarisatie?

Polarisatie is een conflict verdeeldheid tussen twee partijen. Het staat ook wel bekend als zwart-wit denken. Denk hierbij aan man tegen vrouw, autochtoon tegen allochtoon, Christen tegenover Moslim. Dit hoeft an sich geen problemen te veroorzaken, maar het kan ook extreme vormen aannemen. Een modern voorbeeld hiervan is het vluchtelingendebat.

Volgens filosoof Bart Brandsma zijn er binnen polarisatie vijf rollen:

  • Pusher. Dit zijn de personen met de meest extreme meningen. Deze persoon vormt als het ware één van de polen.
  • Joiner. Degenen die de pushers volgen. Ze doen actief mee, maar zijn altijd minder extreem.
  • The Silent. Deze groep staat in het midden. Ze zijn neutraal, genuanceerd, of gewoonweg onverschillig. Deze groep vormt de meerderheid, maar laat zich niet horen.
  • Bridge Builder. Deze persoon plaatst zichzelf boven beide pushers, en probeert beide partijen aan de praat te krijgen. Soms is dit effectief, maar soms werkt dit juist alleen maar tegen. Hij biedt beide polen namelijk een platform om hun extreme meningen te delen.
  • Scapegoat. Wanneer polarisatie toeneemt wordt een zondebok gezocht. Deze wordt vaak gevonden in het midden, of bij de bruggenbouwers.

In het vluchtelingendebat is dit tevens het geval. Er zijn twee extreme polen: de mensen die vinden dat we de grenzen moeten sluiten, en de mensen die vinden dat we kosten wat het kost vluchtelingen moeten helpen. Er is vooral aandacht voor die twee groepen, terwijl de meningen veel meer uiteenlopen.

Diversiteit in Nederland

Dit blijkt uit recente cijfers van het Sociaal en Cultureel Planbureau. In het vluchtelingendebat lijken de pushers recht tegenover elkaar te staan, terwijl zich tussen de twee tegenpolen een heel spectrum aan meningen en opvattingen ligt. In het nieuwe kwartaalbericht van het Continu Onderzoek Burgerperspectieven wordt dit uitgelicht. Uit deze cijfers blijkt het volgende:

  • 63% vindt het onze morele plicht om mensen die vluchten voor oorlog en vervolging op te vangen
  • 15% vindt dit niet
  • 22% is neutraal of heeft geen mening

De groep mensen die het niet onze morele plicht vinden om vluchtelingen op te vangen, zijn echter niet allemaal per sé tegen het helpen van vluchtelingen. Binnen deze groep zijn er namelijk ook mensen die van mening zijn dat we de vluchtelingen niet moeten opvangen, maar juist de conflicten in hun land van herkomst moeten oplossen.

Ook zijn er mensen die geen verplichtingen zien, maar wel vinden dat het goed is om vluchtelingen op te vangen. Er zomaar van uitgaan dat iedereen die van mening is dat we geen morele plicht hebben om vluchtelingen te helpen alleen oog hebben voor het welzijn van hun eigen volk, gaat dus totaal niet op.

Meer diversiteit

Binnen de groep mensen die wél morele plicht zien, is ook sprake van veel diversiteit. Vaak worden er voorwaarden gesteld aan de opvang van vluchtelingen. Zo wordt er veel onderscheid gemaakt tussen ‘echte vluchtelingen’ en ‘gelukszoekers’. De eerstgenoemde groep is welkom, de tweede mag thuisblijven.

Ook wordt soms benadrukt dat de morele plicht maar tijdelijk zou zijn. Zodra de landen van herkomst veilig zijn, moeten de vluchtelingen weer terug.

Zorgen

Al met al zijn er ongeveer evenveel mensen die zich zorgen maken over de negativiteit tegenover vluchtelingen (32 procent) en de mensen die zich juist zorgen maken over de komst van vluchtelingen (35 procent). De rest zit daartussenin, blijkt tevens uit de eerdergenoemde cijfers van het SCP.

Toch horen we vooral de eerste twee groepen. Doordat voornamelijk die eerste twee groepen zich laten horen, durven de gematigde burgers zich minder snel uit te spreken. Mensen denken dat ze alleen staan met hun meningen, en durven die vervolgens niet te uiten; hierdoor worden die opvattingen nóg minder gehoord en durven nog minder mensen zich te laten horen. Zo ontstaat er een soort vicieuze cyclus.

Durf grijs te zijn

Een groepje studenten uit Utrecht hoopt dit cyclus te doorbreken. In een schreeuw om nuance hebben zij de campagne ‘Dare to be Grey’ opgericht. Zij bieden zogeheten ‘grijsdenkers’ een platform om hun meningen te delen. Diversiteit moet de norm worden. Dorine, één van de studenten achter Dare to be Grey, vertelt hier over hun project:

De campagne van Dare to be Grey bestaat uit onder andere een fotoserie en een videoserie, waarin ze grijsdenkers hun verhalen laten vertellen. Die verhalen delen ze vervolgens op sociale media. Die verhalen delen ze vervolgens op sociale media. Zo proberen ze de gematigde burger een platform te bieden om hun grijze meningen te delen.

Daarnaast geven ze ook lezingen en workshops door het hele land. In oktober 2016 gaven ze een lezing over polarisatie in Utrecht. Hieronder vind je een verslag van deze lezing.

Verslag ‘Utrecht zijn we Samen’

Grijze burger aan het woord

Dare to be Grey creëert dus een platform voor de gematigde burger. Zo kan de grijze meerderheid ook hun ei leggen. Natuurlijk hoef je je verhaal niet per sé via Dare to be Grey te delen, maar kun je dit ook op eigen houtje doen. Zo doet Wessel (22) dit. Hij is ook een grijze burger, en deelt zijn mening over het vluchtelingendebat. Hieronder hoor je zijn verhaal:

Wessel deelt zijn mening over vluchtelingenopvang

Diversiteit begint bij jou

In de tijd van de Vietnamoorlog kon men enkel hun mening uiten door uit protest de straat op te gaan. Dit werd echter vooral gedaan door mensen met extreme meningen. De gematigde burger bleef liever thuis.

Tegenwoordig kunnen we dankzij sociale media onze meningen met de wereld delen zonder onze huizen te verlaten. Sites als Twitter bieden iedereen een stem. Dus waar wacht je op? Deel eens een grijs verhaal op Facebook. Schrijf eens een blog op WordPress. Stuur eens een gematigde tweet. Laat je eens horen!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *